Laten we eerst het verschil uitleggen tussen een Europese „verordening” en een „richtlijn”. Een „richtlijn” is een wetgevingsbesluit waarin een doel wordt vastgelegd dat alle EU-landen moeten bereiken. Het is echter aan de afzonderlijke landen om dit in hun eigen wetgeving om te zetten om deze doelen te verwezenlijken.Met andere woorden: de „richtlijnen“ worden door de EU gegeven, maar de lidstaten hebben de bevoegdheid om de implementatiestrategie en het wettelijk kader vast te stellen. Een „verordening“ daarentegen is een bindend wetgevingsbesluit dat door alle lidstaten moet worden nageleefd zonder dat het in nationale wetgeving hoeft te worden omgezet.
De tenuitvoerlegging van de EU-CTR maakt deel uit van de centralisatie en harmonisatie van de ontwikkeling van geneesmiddelen en aanvragen voor nieuwe geneesmiddelen. Op 31 januari 2022 trad de nieuwe EU-CTR (EU-verordening inzake klinische proeven 536/2014) in werking ter vervanging van de EU-CTD, die sinds 2004 van kracht was en tot doel had de regelgeving inzake klinische proeven in de EU-landen te coördineren. Enkele van de belangrijkste wijzigingen worden hieronder opgesomd, maar dit is geen uitputtende lijst:
- Aanvragen voor klinische proeven (CTA’s) worden voortaan ingediend via een centraal elektronisch portaal: het Clinical Trials Information System (CTIS). Hierdoor kunnen opdrachtgevers tegelijkertijd een aanvraag indienen voor één of meerdere EU-landen en goedkeuring ontvangen voor alle landen die in de aanvraag zijn opgenomen, mits alle lidstaten tijdens de gecoördineerde procedure hiermee instemmen. Dit zou de doorlooptijden moeten verkorten, aangezien de beoordeling efficiënter verloopt door middel van een gecoördineerde beoordeling onder leiding van één rapporterende lidstaat.
- Het CTIS: sinds de ingangsdatum op 31 januari 2023 moeten alle nieuwe CTA’s via dit portaal worden ingediend, wat tal van voordelen biedt:
- Sponsors kunnen in één keer een vergunning voor een klinische proef aanvragen in maximaal 30 EU-landen
- Nationale autoriteiten kunnen de aanvraag gezamenlijk verwerken en beoordelen en hun opmerkingen en vragen bundelen via de rapporterende lidstaat. Voorheen werden dezelfde vragen herhaaldelijk gesteld door de verschillende nationale autoriteiten.
- Een soortgelijke gecentraliseerde aanpak geldt voor de goedkeuring door de ethische commissie, waarvoor de MedEthicsEU-groep kan worden geraadpleegd. Dit is een groep van vertegenwoordigers van medische ethische commissies (MREC’s) uit de betrokken lidstaten, die het goedkeuringsproces door de ethische commissie stroomlijnt. Via dit portaal kunnen uitbreidingen naar andere landen van de Europese Economische Ruimte (EER) worden aangevraagd
- Het portaal vergroot de openbare transparantie en toegankelijkheid van gegevens over klinische proeven, aangezien het verplicht is om proefgegevens en -resultaten te publiceren
- Invoering van de „klinische proef met geringe interventie“. Er zijn drie belangrijke voorwaarden die een klinische proef met geringe interventie onderscheiden van andere klinische proeven:
- Het geneesmiddel voor onderzoek (IMP) is toegelaten in de betrokken lidstaten (met uitzondering van placebo’s)
- Het IMP wordt gebruikt in overeenstemming met de vergunning voor het in de handel brengen, of het gebruik ervan is evidence-based en wordt ondersteund door voldoende gepubliceerd wetenschappelijk bewijs.
- De aanvullende diagnostische of monitoringprocedures vormen geen groter dan minimaal extra risico of extra belasting voor de veiligheid van de proefpersonen in vergelijking met de normale klinische praktijk (bijvoorbeeld: geen invasieve bemonstering zoals een biopsie)
- Vereenvoudigde veiligheidsrapportage: volgens de EU-CTD waren veiligheidsrapportages aan elke betrokken nationale autoriteit en ethische commissie vereist. De EU-CTR vereenvoudigt dit proces door veiligheidsrapportage via het EudraVigilance-portaal verplicht te stellen, waardoor het indieningsproces wordt gestroomlijnd.
Op basis van het bovenstaande kunt u begrijpen dat de overgang van de EU-CTD naar de EU-CTR een belangrijke stap voorwaarts is, maar ook aanzienlijke gevolgen heeft voor lopende en nieuw te starten klinische proeven. Daarom is een overgangsperiode in drie fasen ingesteld.
- 31 januari 2022 tot en met 31 januari 2023: opdrachtgevers konden klinische proeven indienen binnen het wettelijke kader van zowel de EU-CTD als de EU-CTR.
- Vanaf 31 januari 2023: alle aanvragen voor klinische proeven vallen onder de EU-CTR. Proeven die vóór 31 januari 2023 onder de EU-CTD zijn goedgekeurd, kunnen echter tot 31 januari 2025 onder de EU-CTD blijven vallen.
- Vanaf 31 januari 2025: alle klinische proeven moeten onder de EU-CTR vallen.
Dit betekent dat 31 januari 2025 een belangrijke datum is, waarop de overgang van de EU-CTD naar de EU-CTR definitief wordt voltooid. Het wordt verplicht dat alle nieuwe CTA’s onder de EU-CTR worden uitgevoerd en dat alle momenteel lopende klinische proeven moeten worden overgezet naar de EU-CTR indien ze eerder onder de EU-CTD waren goedgekeurd.
De door de EU-CTR ingevoerde harmonisatie heeft tot doel uniformiteit te creëren in alle EU-lidstaten, waardoor de administratieve lasten worden verminderd en tegelijkertijd hoge kwaliteitsnormen worden gehandhaafd. Dit vereist echter aanzienlijke investeringen van opdrachtgevers en organisaties op het gebied van het opleiden van personeel en het aanpassen van interne processen aan de nieuwe regelgeving. Sponsors moeten het overgangsproces zorgvuldig begeleiden om naleving te waarborgen. Dit omvat onder meer het herzien van bestaande overeenkomsten, zoals overeenkomsten voor klinische proeven (CTA’s), zodat deze aansluiten bij de vereisten en het wettelijk kader van de EU-CTR.
Ook de rol van ethische commissies is onder de EU-CTR geëvolueerd. Hun taken zijn nu gestroomlijnd en geïntegreerd binnen het CTIS-kader, wat een efficiënte samenwerking tussen de lidstaten mogelijk maakt. Bovendien dient de invoering van het CTIS niet alleen als platform voor eerste aanvragen, maar draagt het ook bij aan de transparantie van gegevens over klinische proeven als gecentraliseerd systeem voor het beheren van lopende communicatie, het monitoren van de voortgang van proeven en het doorvoeren van updates gedurende de gehele levenscyclus van een klinische proef.
Bronnen:
EMA: Verordening inzake klinische proeven || Europees Geneesmiddelenbureau (EMA)
https://european-union.europa.eu/institutions-law-budget/law/types-legislation_en
Verordening inzake klinische proeven (Verordening (EU) nr. 536/2014)
Uw partner op het gebied van kwaliteit, veiligheid en naleving
De life sciences-sector vereist gespecialiseerde kennis en betrouwbare ondersteuning. Met onze brede expertise helpen wij organisaties om te voldoen aan wet- en regelgeving, kwaliteit te waarborgen en met vertrouwen te blijven innoveren.